zaterdag 22 oktober 2011

De invloed van de ruimte in de kinderopvang

In de buitenschoolse kinderopvang of een kinderdagverblijf zijn kinderen heel wat uren aanwezig. Ze spelen, slapen, lachen, eten, mopperen, rennen, kletsen, huilen, vallen en leren… In de kinderopvang wordt geleefd. Bijna alle dingen die thuis gebeuren – en vaak nog meer – vinden hier ook plaats. Het is dus heel belangrijk dat het een fijne omgeving is om in te verblijven. 
Over wat een fijne omgeving is, kunnen smaken verschillen. Toch zijn er enkele kenmerken van ruimtes die we allemaal kunnen waarderen. Daglicht bijvoorbeeld, of een goede zitplek. Je kunt je laten sturen door de omgeving, denk aan aanwijsborden in het verkeer (of het gebrek daaraan en vervolgens de chaos die kan ontstaan). In een vergaderzaal zit je anders dan op een feestje en in een chique hotel voel je je anders dan in een met graffiti bespoten metro.
De boodschap: de omgeving is van grote invloed op ons gedrag en ons gevoel. Dat geldt ook voor kinderen. Door de omgeving bewust in te richten, kun je hun (spel)gedrag sturen. De ruimte is dan een soort opvoeder.
Speelgebieden
Voor het inrichten van de kinderopvangruimte kan ‘thuis’ een goede inspiratiebron zijn. We willen allemaal een huis met aparte kamers om in te eten, te slapen en te wassen. En velen dromen daarnaast van aparte kamers om te spelen, te strijken of tv te kijken. De meeste opvangplaatsen bieden de basisruimtes: er zijn slaapkamers, wasruimtes en soms een aparte keuken. Maar meestal is er geen plek voor aparte kamers per hobby of activiteit, om bijvoorbeeld te tafeltennissen, knutselen, sporten, dansen, lezen of muziek te maken.
Toch kun je die kamers redelijk makkelijk realiseren. Je doet dit door zones te creëren, speelgebieden. Als je een groepsruimte opdeelt in verschillende hoekjes, ontstaan aparte activiteitenplekken. En iedere plek krijgt zijn eigen ‘functie’.
Hoe maak je zulke hoekjes? Door lage kasten haaks op de muur te zetten, ontstaat aan weerszijden een speelplek. Hetzelfde werkt met een bank, een kamerscherm of een (brandwerend!) gordijn.
Dankzij die hoekjes spelen kinderen vaak rustiger en geconcentreerder. Omdat zichtbaar is wat waar te doen is, wordt de groepsruimte duidelijker. Bovendien loopt spel minder door elkaar wanneer een speelgebied is afgeschermd. Kinderen spelen dan ‘apart samen’.
Een unieke speelplek
Een groot verschil met thuis is de grotere schaal waarop geleefd wordt: er zijn meerdere opvoeders in het ‘huis’ en met meer kinderen is het drukker dan in het gemiddelde gezin. Een vergelijking gaat dus niet op en dat is maar goed ook. Juist omdat de kinderopvang groter is, kun je als professionele opvoeder inzetten op wat kinderopvang nu juist uniek maakt.
In de opvang zien kinderen heel veel knutselspullen en spelmateriaal bij elkaar. Als je deze rijke leermaterialen bewust presenteert, vertel je kinderen iets over hoe ze hiermee kunnen omgaan. Knutselmaterialen die in plastic zakken liggen, zullen kinderen sneller omkiepen op de grond. Wanneer ze in bakjes gepresenteerd zijn, worden kinderen uitgenodigd tot het knutselspel, en krijgt ieder soort materiaal meer waarde. Als boeken in een bak door elkaar liggen, worden ze er vaak ook makkelijker in gegooid en kunnen ze kapot gaan. Wanneer de boeken mooi gepresenteerd worden op een plank, is ieder boek het waard om te pakken en te bekijken. De presentatie van het materiaal kan dus het gedrag van kinderen ‘sturen’.
In de opvang maken kinderen ook kennis met ànder speelmateriaal. Denk aan een trampoline, speel- en klimkussens, een klein podium, een speelhuisje of een permanente poppenkasthoek. Het is niet altijd beter om zo veel mogelijk spelmateriaal aan te schaffen. Vaak is het een goed idee om budget te besteden aan één blikvanger in de ruimte.
Ben je betrokken bij de besteding van budgetten, kijk dan eens kritisch naar het materiaal dat er al is. Vaak is er allerlei spelmateriaal aanwezig dat vergeten in een hoek ligt. Soms is materiaal verouderd, incompleet of kapot. Meestal kan het dan weg (naar de kringloop of de prullenbak). Het speelgoed dat overblijft, komt zo meer tot zijn recht. Het is beter vindbaar en er is minder afleiding.
Kinderen hoeven niet alles samen en tegelijkertijd te doen. De keuze tussen lezen, knutselen, bouwen, zingen of puzzelen is al groot genoeg. Als ze daarbovenop kunnen kiezen uit 15 puzzels, is de afleiding vaak te groot. Geef kinderen de rust om ieder stuk speelgoed te onderzoeken en ontdekken. Zo verhoog je de concentratie en vergroot je de waardering voor het materiaal. Beperk de keuze, vergroot het plezier.

Lees verder in KIDDO 7 2011

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...